Freitag, 6. März 2009

VERJAARDAG van Marguerite BERVOETS

IN MEMORIAM MARGUERITE BERVOETS

Korte biografische schets van Marguerite BERVOETS (1914-1944)
Letterkundige, Lerares en Heldin van het Verzet (deel 1)


Mijn nieuwe vriendinnen kennen al Marguerite BERVOETS door het portret dat mijn blog siert en enkele gedichten van haar die ik al publiceerde, maar weten nog niet juist WIE deze dichteres was. Vandaag een eerste kennismaking, een overzicht. Daar gaat ze...

Marguerite BERVOETS, werd geboren te La Louvière op 6 maart 1914. Op beschuldiging van “spionage” werd ze, te Wolfenbüttel op 7 augustus 1944, onthoofd werd door de totalitaire en niets ontziende vijand. Haar tragische dood, na een twee jaar lange gevangenschap, vond plaats een maand voor de Bevrijding van België. Maar over haar militaire rol wil ik pas een volgende keer in uitvoerlijk vertellen.

Deze jonge vrouw van bij ons, Waalse met een Vlaamse familienaam, had die ziel van en dichteres, was een veelbelovende en talentvolle letterkundige. Haar oeuvre omvat vooreerst haar prille jeugdwerk, een opmerkelijke dichtbundel Chromatisme, in 1931 voor eigen rekening uitgegeven bij Vanderlinden te Brussel. De sporen waren toen al gezet: ze vond haar plaats binnen de literaire school van het symbolisme. Inderdaad, zal haar verhandeling en latere doctoraatsthesis gewijd zijn aan de Franse dichter van Belgische afkomst André FONTAINAS,[1] en tevens liet ze ons haar Concert héroïque, rijp symbolistisch proza. In dezelfde trend schreef ze nog verscheidene gedichten. Ook deed ze aan hoogwaardige literatuurkritiek. Last but not least, vertaalde ze uit het Vlaams sprookjes geschreven door haar studievriendin Hilda CASTEELS[2].

Haar vader Jules BERVOETS is afkomstig uit het Limburgse Paal. Hij was hotelier te La Louvière, en het is in het huis naast het Hotel des Mille Colonnes dat onze heldin het levenslicht zag. Haar moeder, Oliva BLONDIAUX, regentes in de wetenschappen, een even autoritaire als mooie vrouw, gaf les in de Ecole Moyenne van La Louvière.
De kinderjaren van Marguerite zijn dus tijdens de Eerste Wereldoorlog. Haar moeder helpt bovenop haar werk als lerares, haar man bij het houden van het hotel restaurant. De ouders besluiten dan ook de opvoeding van hun enig kind toe te vertrouwen aan een jonge vrouw, Valérie DEMULDER, die van Marguerite de bijnaam “Touvit” kreeg. Het kind had nog meer eigen woordcreaties, zo was haar vader “L’Oiseau” en zijzelf “Guibout”, samentrekking van haar naam en voornaam. Het heet dat zij liever met tinnen soldaatjes speelde dan met poppen.
In 1919 gaat Marguerite in de Middenschool naar het lager onderwijs. De leraressen merken algauw dat haar belangstelling zich toespitst op schrijven en lectuur. Een St. Niklaas gedichtje van haar uit die periode is ons overgeleverd worden.
In 1927 gaat ze naar het middelbaar onderwijs in de afdeling atheneum van de Ecole Provinciale du Centre te La Louvière.
In 1928 wordt Oliva BERVOETS benoemd tot directrice van de Ecole Moyenne pour Jeunes Filles de l’Etat te Mons (na de oorlog Athénée Marguerite Bervoets). De ouders verhuizen na een tijdje, in 1930. De vader wordt vertegenwoordiger van wijnen en tabak, (wat later, tijdens de Tweede Oorlog, Marguerite ten goede zal komen). Marguerite is intussen ingeschreven in de derde klas Griek en Latijn.
Op 14 juli 1932 beëindigt Marguerite de retorica. Sinds 1930 (toen ze zestien jaar was) bereidde ze een bundel poëzie voor. Met moeite heeft ze de middelbare beëindigd als ze contact neemt met uitgeverij Vanderlinden te Brussel, aan wie ze een selectie van eenendertig gedichten voorstelt. De 25ste oktober 1932 verschijnt haar bundel met de titel Chromatisme.
De volgende jaren is Marguerite studentin aan de faculteit Philosophie et Lettres aan de Université Libre de Bruxelles.
Telkens ze daartoe de gelegenheid heeft reist ze naar Parijs om de pianist Alfred CORTOT te beluisteren of André FONTAINAS te ontmoeten, over wie ze haar eindwerk zal schrijven. Na haar studies werkte ze nog aan een doctoraatsthesis over deze dichter, die in 1949 postuum uitgegeven zal worden aan de Koninklijke Académie des Lettres.
Haar eerste biografe, vroegere lerares van Marguerite, de verleidelijk schone Lucienne BALASSE-DEGUIDE zal, in opdracht van Moeder BERVOETS de laatste hand leggen.
Na haar licentiaat, nam Marguerite nog enkele weken deel aan een vakantiecursus Engels te Cambridge om dan in september als lerares te beginnen in de Ecole Normale te Tournai.
Ofschoon ze, in een brief aan André Fontainas, Doornik beschreef als ‘ma bauge tournaisienne’ (zoiets als de eenzame verblijfplaats van wilde zwijnen) toch was zij er een kwaliteitsvolle lerares, geliefd en hooggeschat door haar leerlingen van de Normaalschool.

Als we het over haar privéleven hebben, gaat men dromen, gaat het hart sneller slaan. Met haar uitgelezen smaak, zich innig ontroerend in het contact met het leven, was zij op weg om een rijpe, bezadigde de vrouw te worden. Hoe zou men niet vertederd zijn bij het lezen van de ontroerende brieven die Marguerite schreef[3] aan haar vriendin Lucy LEROY, THIBAUT [4]met haar meisjesnaam? Onze mooie en jonge dichteres kende zowel de levensvreugde als de kleine dagelijkse zorgen van het leven. Nadat ze een, in het Paleis voor Schone Kunsten te Brussel, een concert van Alfred CORTOT[5] bijgewoond heeft, is Marguerite in vervoering: “Heel mijn leven draait en wervelt rond een gepassioneerde vreugde die gevaarlijker en mooier dan het geluk is” schrijft ze aan André FONTAINAS in haar brief van 10 februari 1937.[6]
Haar grote liefde was Anne-Romaine FONTAINAS, dochter van de dichter, die ook later niet huwde. De familie FONTAINAS, die zeer hecht was, werd voor Marguerite de ideale familie. Met haar eigen moeder onderhield ze een eerder woelige relatie, wat vastgelegd is in haar brieven aan André FONTAINAS. De brieven die zij aan hem schreef, evenals andere sporen, liet Mevrouw Oliva BLONDIAUX later verdwijnen. Mevrouw BERVOETS wilde de wereld een eigen beeld van haar dochter geven, die met haar voorstelling overeenkwam. Lucienne BALASSE – DE GUIDE was het willige werktuig van de meesters daartoe.

De dichter Armand BERNIER schrijft “ …Einde 1938, schreef Marguerite BERVOETS mij om te vragen of ik mij aan haar herinnerde. Zij herinnerde er mij aan dat ik zeer streng geweest was met haar debuut en voegde eraan toe dat zij erkende dat ik hierin gelijk had. Ze legde me twee gedichtjes voor die heel wat anders waren dan haar vroegere probeersels. Ik antwoordde haar dat ik gevoelig was voor hun charmes, ze graag zal afdrukken in L'Avant-Poste . Ze werden daar dan ook afgedrukt in de uitgave van januari 1939.

I.
Clairs d’espaces
sous mes doigts de joueuse, argentine lueur
d’un cristal inouï,
sans redouter la houille lourde
et son brasier de jais soufré
je vous saisis :
Péché d’azur, faute remise.

II.

Douce splendeur jaillie sans hâte vers la nue,
aubépine et cytise emmêlés,
au-delà de vos feuillages
surgissez vers où se dresse
une altière couleur
et riez
entre briques et tuiles
de la fauve terre.



Een dichteres stond op het punt haar weg te vinden. Men moest haar dan ook vertrouwen schenken.”[7]
Ik ben het helemaal oneens met Armand BERNIER, een poëet die grote hoeveelheden schreef en publiceerde, als hij de gedichtenbundel Chromatisme afdoet als “probeersels”. Weinig adolescenten, en zelfs volwassen dichters, hebben symbolistische verzen van zulk hoogstaande kwaliteit geschreven.
In die periode schreef ze ook haar Concerto héroïque en een aantal hoogwaardige gedichten, die ik mettertijd in mijn Blog wil laten verschijnen.


Over Marguerite BERVOETS als Heldin van de Weerstand schrijf ik later eens. Ik wil nu enkel vermelden dat ze met rudimentaire middelen ze een periodiek sluikschrift La Délivrance (De Verlossing) vervaardigde (op stencil) Ze geselde er met vuur en vlam de verraders van de collaboratie, de opportunisten en attentisten (degenen die afwachten, de kat uit de boom keken). Voor de titel van La Délivrance liet zich Marguerite inspireren door een gelijknamig liberaal weekblad dat door een andere grote Weerstander uit La Louvière, Camille DEBERGHE[8], in het begin van de eeuw uitgegeven werd.

In haar strijdschriften voelt men een bewonderswaardige, geruststellende vastberadenheid. Marguerite BERVOETS voelde zichzelf als een Française. Voor zover voelde ze geen haat tegen het Duitse volk, waarvan ze wist dat het zelf een slachtoffer was van het nazistisch totalitarisme. Men mag ervan uitgaan dat, moest zij overleefd hebben, zij zich wellicht voor de Europese verzoening ingezet zou hebben.

Marguerite voegde de daad bij het woord. Vanuit de individuele en spontane Weerstand, vervoegde ze de rangen van de actieve en bewapende Weerstand, binnen de structuur van de Légion Belge (Belgisch Legioen)[9]
De Weerstandsdaad die tot haar aanhouding leidde was het initiatief om foto’s te nemen van de luchthaven te Chièvres.
Marguerite BERVOETS, echte Jeanne d’Arc van de Belgische Weerstand, gaf zich zonder bijgedachten voor de Vrijheid tegen een onmenselijke en onverbiddelijke vijand.

De aangrijpende inhoud van haar laatste brief wil ik jullie niet onthouden:

Mijn zeer geliefde ouders,
Dit is, helaas, mijn eerste en laatste brief sinds ik jullie verliet, dat zal morgen twee jaar geleden zijn. Het zal misschien het enige grote verdriet zijn dat ik U bezorgd zal hebben. Ik vraag U het mij te vergeven en weet al dat U het zult doen.
Ik ga U verlaten omdat ik de vrijheid, de schoonheid van de wereld en van ons schoon België teveel lief had. Heb er niet al teveel verdriet over. U heeft geen zoon gehad om voor onze zaak te geven, maar ik was er, jong, vrij en U moest zoals allen betalen opdat de wereld eindelijk bevrijd zou worden van de haat.
Ik werd ter dood veroordeeld op 22 maart, evenals mijn kameraden Henri DENEUBOURG et Edouard SOURDEAU. Ik hoop dat tenminste zij, minder schuldig, ooit begenadigd en bevrijd zullen worden en dat zij U een beetje over mij zullen komen spreken. Cécile DETOURNAY, veroordeeld tot dwangarbeid, zal de verschillende samengebrachte ogenblikken oproepen.
Wees gekust! Laat mij U nog eens zo noemen, aldus dit enig hart tot hart vereeuwigend! Ik heb U op dit ogenblik zo lief! Ik heb U geplaagd, gepest met de vaak categorieke uitdrukking van mijn ideeën, met mijn kuren en grillen en mijn gemoedssprongen. Vergeef mij voor de ongerustheden, de zorgen, de tranen, wat weet ik nog!
Ik vraag het U heb geen haat tegen het Duitse volk. Het is goed, zoals de anderen, en is vredelievend. Ik heb vaak zijn goedheid en moed kunnen op prijs stellen. Zoals wij, is het slachtoffer van een uitbarsting van geweld, van een historisch vulkanisme zonder weerga dat ook zal eindigen.
Mijn enige spijt, samen met deze U dit groot verdriet aan te doen, is deze periode van liefde, dit tijdperk van vreugde die zal komen, niet te mogen kennen. Maar U zult ze kennen en U zal gedenken voor de zuivere ogen van de kleine kinderen dat het dankzij ons is dat zij niets meer zullen kennen van wat twee keer in dertig jaar een kwelling was.
Er blijft me slechts U te spreken van mijn laatste wensen. Ik durf hier mij wil niet zeggen, ik heb zoveel gewild, mij zoveel voorgenomen. Ik laat geschriften na. Bij Mevrouw BALASSE zult U de uitdrukking van mijn laatste wil aantreffen. Een bijvoegsel werd sinds een jaar geschreven in een schrift dat men U zal sturen, samen met mijn persoonlijke voorwerpen. Ik weet dat één der wensen, voorwaardelijk, U iets zal kosten. Ik hoop heel eenvoudig///


Hier eindigt bruusk de brief daar het billet vol was.

Op 7 augustus 1944 om 18h34 is Marguerite onthoofd. Preciseren we: de nazistische wreedheid kwam ook daarin tot uitdrukking dat de valbijl geen ‘normaal’ schavot was. De veroordeelden moesten op de rug liggen, niet met het hoofd naar beneden. Bovendien hadden de terechtgestelde zelfs geen recht op een band op de ogen!

In het beeldrijke naoorlogs taalgebruik is er sprake van een terechtstelling met de bijl. Het is allicht het juister is om het wapen voor deze ‘legale’ moord GUILLOTINE te noemen. Dat neemt niets weg van het bijzonder afschuwelijk karakter van deze wijze van terechtstelling!

Zodoende werd een nieuwe martelares toegevoegd aan de lange lijst van slachtoffers van de nazistische barbarij, zodoende telden we een heldin meer.

De Duitse schrijfster Anna SEGHERS[10] drukte het zo goed uit: Die Toten bleiben jung…de doden blijven jong, voor altijd!

De ouders en naastbestaanden van Marguerite vernemen het nieuws van haar tragisch verscheiden pas op 22 juli 1945[11]. Spijts ze aanvoelden hoe zwaar de aanklacht tegen haar was, toch hadden ze de vaste hoop gekoesterd haar terug te zien, waarvan al de daden enkel en alleen ingegeven waren door de edelste vaderlandsliefde. Groot en ontroostbaar was de pijn en droefheid die de ouders en naastbestaanden van onze heldin.

Door haar schitterende studies was Marguerite opgeklommen tot de intellectuele elite. Zij was een fysieke schoonheid. Haar verfijnde smaken maakten haar tot vervulde vrouw, die zich teder ontroerde aan het contact met het leven. Door haar talenten stond ze aan de dageraad van de beroemdheid.

Het is onder deze omstandigheden dat zij aanvaardde te sterven: ”Men zal U zeggen dat ik onnodig gestorven ben, dom, als een opgezweepte…Het zal de historische waarheid zijn. Er zal een andere zijn? Ik ben omgekomen om te getuigen, dat het mogelijk is terzelfder tijd én het leven dol te beminnen én toch toe te stemmen in een noodzakelijke dood. U zal de taak te beurt vallen het leed van mijn moeder te verzachten. Zeg haar dat ik gevallen ben, opdat de lucht van België zuiverder zou mogen zijn opdat diegenen die na mij komen, vrij zouden mogen leven, zoals ik het zelf zo heel erg wenste. dat ik mij spijts alles, niets beklaag”.[12]

Wat betekent onze spijt, welke waarde hebben onze tranen?
De ziel van Marguerite BERVOETS, sereen in haar hemel van roem, verdient het om steeds onze erkentelijkheid en onze liefde naar haar te horen opstijgen[13]

Marguerite deed een weergaloos offer, ze gaf zichzelf, opdat de generaties na haar VRIJ en WAARDIG zouden kunnen leven. Daarom mag er géén vergeten zijn, daarom is de erkentelijkheid voor Marguerite BERVOETS, het eren van haar aandenken een PLICHT.

Marguerite was niet alleen. Bedankt Marguerite BERVOETS, bedankt Fernand DEMANY[14], bedankt allen van wie het idealisme, de hoge morele kwaliteiten, het altruïsme, de zin voor offervaardigheid geen maat voor niets mogen geweest zijn. ‘Les matins qui chantent’ de ‘zingende ochtenden’ waarvan zij gedroomd hebben, de ‘zo het over te doen was’ van na de oorlog: Ami entends-tu ! Vriend, hoort gij? Het is aan de jeugd om de vlam verder te dragen! Zeg krachtig NEEN tegen de onverschilligheid en ongevoeligheid, tegen de oorlogsstokers, het racisme in al zijn vormen, de demagogie van politici, de discriminerende onverdraagzaamheid, die er nog steeds is of vandaag de dag weer de kop opsteekt!

Vrij naar het Manuscript “Nostalgie de vivre, une biographie de Marguerite BERVOETS » van Shmiel Mordche BORREMAN

[1] De doctoraatsthesis van Marguerite BERVOETS L’ŒUVRE D’ANDRE FONTAINAS werd postuum uitgegeven door de Académie Royale de Langue et de Littérature Françaises de Belgique Mémoires- Tome XVIII, Brussel 1949.
[2] Hilda CASTEELS, geboren te Mechelen op 19 april 1914, dochter van Karel CASTEELS, gezworen vertaler en expertboekhouder, auteur van ‘Van schaduw tot licht’. Zij studeerde, tezelfdertijd als Marguerite, aan de ULB klassieke filologie en behaalde de graad van licentiaat. Ze schreef sprookjes, met een hoogwaardige morele inhoud die echter toch wat zware lectuur voor kinderen zijn. Ze schreef ook Korè een roman in dagboekvorm en Blond Miesje ontdekt Afrika een mooi meisjesboek over Belgisch Kongo. Zij overleed op 30 okotober 1940 in het ziekenhuis van Katana, in Belgisch Kongo, waar ze in 1938 haar man gevolgd was. Biografie door Emiel H. FREDRIX: Een Vlaams kinderschrijfster: Hilda CASTEELS. Met dank aan dhr Axel VAECK en Marina PAUWELS van het Stadsarchief van de Stad Mechelen evenals aan Villa Kakelbont te Antwerpen.
[3] Deze brieven werden door Mme Lucy LEROY in 1984 ter bewaring gegeven aan het SOMA te Brussel. Zie daar: Papiers LEROY.
[4] Lees in de Anthologie het gedicht Douceur angevine, ‘à mon amie Lucy THIBAUT’. (Plaquette : blz..58) evenals onze vertaling van ‘Histoire d’une Amitié’ door Mme Lucy LEROY.
[5] Alfred CORTOT: (1877-1962) Frans virtuoos, pianist en orkestleider, stichter van de ‘Ecole Normale de Musique’ (1920) ; Duitsgezind.
[6] Briefwisseling met André FONTAINAS, brief 29 (deze brief bevat als bijlage, gedeeltelijk getypt, het gedeelte van het ‘Concerto héroïque’ genoemd ‘Solution’, dat later ‘Adagio’ werd)
[7] Armand BERNIER, Une poétesse héroïque, in : Le Thyrse 1er Octobre 1945 p.249
[8]Slachtoffer van een politieke moord, voor zijn deur, rue Arthur Warocqué te La Louvière, tegen 21 uur op 3 oktober 1944.
[9] Henri BERNARD : La Résistance 1940-1945, RdL coll. « Notre Passé » 1968, pp.24 et 99 en volgende: ‘de Légion Belge, waarvan de benaming in 1944 veranderde in Geheim Leger, bestaat in feite sinds de zomer van 1940 door de initiatieven van kolonel LENTZ en commandant CLASER. Zij is de enige strict militaire formatie van heel de Weerstand. Haar kader is samengesteld door officieren en onderofficieren uit de actieve en de reserve. De groeperingen der twee voorlopers verenigen zich in s’unissent en 1941 en bewaren de naam Légion Belge… De Beweging geeft zich als doel : de sluikactie te voeren tegen de bezetter door de sabotage en door de ontwikkeling van de militaire strijdkrachten die de vijand zullen slagen op het ogenblik dat beslist zal worden door het geallieerd Opperbevel ; te waken over de vrijwaring van de orde en de nationale instellingen bij het vertrek van de Duitse strijdkrachten… Van de 54.309 erkende leden van het Geheim Leger, telt 1.100 die in het gevecht gedood werden, 350 gefusilleerde en 4.500 in wegvoering gestorvenen’ ;

[10] Anna SEGHERS (1900-1983) Grote Alte Dame van de DDR literatuur, schreef reeds heelwat tevoren, overleefde door ballingschap in Mexico, tijdens de jaren van de nazie dictatuur.
[11] De op 24 juli ’45 uitgegeven doodsbrief vermeld « les parents et proches ‘ont la douleur immense et profonde de vous faire part de la perte cruelle et irréparable qu’ils ont éprouvée en la personne de Mademoiselle Marguerite BERVOETS fusillée (sic) par les brutes allemandes à Wolfenbüttel le 9 août 1944, après deux ans de captivité, à l’âge de 30 an »’.
[12] Fac-similvan het testament moral van Marguerite, die ze op 27 jarige leeftijd schreef, in : Plaquette face à p.33 ;
[13] Mme L. BALASSE -DE GUIDE : p.36 de la Plaquette
[14] (1904-1977) Désiré DENUIT : Fernand DEMANY, Mousquetaire de la Résistance RdL 1982

Kommentare:

  1. Het was de moeite waard om de volledige tekst te lezen.
    Wat heeft deze jonge vrouw op zo korte tijd allemaal verwezelijkt en dan zo tragisch aan haar einde gekomen.
    Ik ga haar zeker onder de aandacht brengen op een forum over poëzie, waar ik ook een Frans-Vlaamse vriendin heb.
    Misschien kent ze haar, misschien ook niet,
    maar het is het proberen waard.

    Ik kom zeker terug om zaken op te frissen.
    Fijn weekend,
    ria

    AntwortenLöschen